De tijd van toen en nu..

Welkom op mijn clubje Nostalgie.

Waar is de tijd van toen gebleven? Een gezellig plaatje of een gezellig praatje.Hier hopen we dat we een gezellige club krijgen waar iedereen zich thuis voelt.

Niets moet hier en niets is verplicht maar ik zou het fijn vinden dat je je even voorstelt in het forum zodat we ook weten tegen wie we het hebben.

 En weet je ook iets te vertellen van vroeger dan zie
ik dat in het forum.

En met alle respect naar elkaar toe.
Verder wens ik je veel  plezier en gezelligheid toe.

Liefs van het Team! 

Deze set is van Hella.

http://hellmiena-club-setjes.clubs.nl/

Berichten over de gestaag toenemende opwarming van de aarde en de ‘zachte’ winters
van de laatste jaren doen vermoeden dat lange perioden van winterkou in de
toekomst tot de zeldzaamheden gaan behoren. Dat heeft tot gevolg dat sneeuw- en
ijsvermaak in onze herinnering een geïdealiseerde plaats in gaan nemen. Maar het
kan niet worden ontkend dat de aanblik van een stad of landschap in wintertooi of
taferelen van schaatspret ook kunstenaars door de eeuwen heen hebben geïnspireerd
tot sfeervolle schilderijen.


In Gouda, met zijn vele grachten, was er volop gelegenheid tot ijsvermaak. Dat
inspireerde mij om wat herinneringen op papier te zetten, want in ons gezin was
het ijsvermaak zeer populair.

In november vroeg ik al aan mijn vader of het zou gaan winteren, maar daar kon hij
dan natuurlijk nog weinig over zeggen. Het gebeurde wel dat het in december behoorlijk
ging vriezen, wat al spoedig werd gevolgd door kwakkelweer en natte sneeuw. ‘In
januari, na volle maan’, zo zei m’n vader eens, ‘als het dan gaat vriezen, dan heb je kans
op een lange vorstperiode’. En inderdaad duurde dat soms tot eind februari of begin
maart. Eenmaal reden we op 4 maart met nog vele anderen op de Stolkse Vaart met
prachtig zonnig en windstil weer. Het ijs was al zacht, maar we gingen als het ware
schaatsend de lente in.
Er is mij verteld dat mijn grootmoeder ook heel mooi kon rijden, op lange schaatsen
met een sierlijke krul van voren. Zij woonde met mijn grootvader, die een kuiperij had,
in de Tuinstraat, op de hoek met het Houtmansplantsoen. Mijn oma schaatste dan in
lange rokken op het kleine singeltje, de handen in een ‘mof ’, zoals toen mode was.
Glijbanen.

Viel er een dik pak sneeuw en maakten we in de straat spiegelgladde glijbanen, liefst
dicht bij de straatlantaarns, dan kon je er ’s avonds nog lang van genieten. Het waren
zwiepende lampen die aan kabels bij de hoeken van de straat hingen. Ze werden stuk
voor stuk aangestoken door een lantaarnopsteker. Ik ben geboren op de Groeneweg in
het zogenaamde kuipershuisje en de glijbanen waren op de hoek bij de Kees Faessen.
Bron internet.

Zwart wit plaatjes.

Doordat gas en elektriciteit niet voorhanden waren, was er geen licht, geen verwarming en geen normale gelegenheid tot koken. Met een knijpkat, kon eventueel worden bijgelicht, maar velen behielpen zich met een stompje kaars en gingen vroeg naar bed. Na acht uur 's avonds mocht men bovendien de straat niet meer op (spertijd).

Twee_deelnemers_aan_de_hongertochten_tij

Bij centrale gaarkeukens kon eenmaal per dag, op vertoon van een bonnenkaart, waterige stamppot of soep van aardappelschillen worden afgehaald. Dat leidde tot lange rijen wachtenden, wat in de bijtende kou niet meeviel. Als er al een beetje eten in huis was, moest dat desalniettemin gekookt of verwarmd worden. Vaak gebruikte men daarvoor een oud conservenblik met een gat onderin, een wonderkacheltje. Daarin werden takjes of houtspaandertjes verbrand.

Binnen bezet gebied was de situatie het ergst binnen de grote steden in de Randstad. De voedselschaarste was soms zo groot dat mensen zelfs honden, katten, bloembollen en suikerbieten aten. Wegens gebrek aan brandstof werden geteerde houtblokjes tussen de tramrails weggesloopt. Ook werden bomen illegaal omgezaagd. In de Amsterdamse Jodenbuurt en Nieuwmarktbuurt werd hout gesloopt uit leegstaande huizen waaruit Joden waren weggevoerd. Alles wat brandbaar was werd verzameld om de noodkacheltjes brandend te houden.

Brandstoftekort1945.jpg

In de steden kon voor de doden soms slechts met grote moeite een graf worden gevonden. De grond was hard bevroren en de energie voor graafwerk en transport ontbrak. Hout voor doodskisten kon men bovendien beter gebruiken als brandstof. In Amsterdam werden van februari tot augustus 1945 de lijken in de leegstaande Zuiderkerk opgeslagen.

Bron internet.

Welkom bij Clubs!

Kijk gerust verder op deze club en doe mee.

Wat is dit?


Of maak zelf een Clubs account aan:


Aanbevelingen door leden:

poepelotje starstarstarstarstar

Heerlijk even wegdromen bij zoveel mooie dingen uit het verleden.


amanta starstarstarstarstar

voor dingen van vroeger kan je hier terecht echt geweldig leuk dus lid worden allemaal!!!!


Meer aanbevelingen